De koelinstallatie maakt koude glycol voor de versmarkt en de koeltogen. Daarbij komt er warmte vrij. De koelinstallatie geeft die restwarmte af aan 'warme' glycol. Glycol is water met een voedselveilige antivriesstof. Je kan de stof dus perfect gebruiken in een winkel.

Via verschillende verwarmingstoestellen en radiatoren verwarmen we met die warme glycol de winkelruimte en de verse buitenlucht die binnenstroomt. Zo is de winkel zelf aangenaam warm. Dat proces heet in een lang woord 'warmterecuperatie' of 'warmteterugwinning'.

Een winkel verwarmen met alleen warmterecuperatie lukt het best als het hele gebouw goed geïsoleerd en luchtdicht is. Anders ontsnapt er te veel warmte.

De koelinstallaties werken met propaan of propeen als koelgas. We kozen heel bewust voor die technologie omdat ze bijzonder geschikt is voor warmterecuperatie. De grote uitdaging zit ‘m dan in de koppeling van koel- en verwarmingsinstallatie. Een van de aanpassingen die onze ingenieurs doorvoerden, was bijvoorbeeld de installatie van grotere radiatoren zodat de verwarming ook op lagere temperaturen werkt. Propaan- en propeenkoeling is trouwens ook heel wat milieuvriendelijker.

Meer lezen over propaan- en propeenkoeling >